Artikelen met de tag ‘contact’

Oogcontact ‘maken’ is niet nodig

Gepubliceerd 17 juni 2010 door Lianne Ebbinkhuijsen

Aangereden worden terwijl je fietst op een fietspad. Het overkwam mij onlangs bijna. De bestuurder had me niet gezien. Dat geloofde ik. Ze schrok nl enorm toen ze me van mijn fiets af zag springen. Vele excuses volgden.

Het probleem was niet haar zicht. Het had alles te maken met aandacht. Met de juiste aandacht ook. Ze heeft absoluut met haar hoofd van links naar rechts gedraaid voor ze het fietspad overstak, dat heb ik gezien! Maar ze had niet haar aandacht gericht op haar omgeving. Niet onbelangrijk als je aan het verkeer deelneemt.

Ik zie het ook terug in presentaties. Een spreker die het hoofd ronddraait en de ogen ongemerkt meeneemt. Ietwat glazig of schokkerig soms en te snel over de ziel van het publiek heen bewegend. Ik krijg dan de indruk alsof ie alleen met zichzelf bezig is. Mensen  in het publiek voelen dit ook. Ze voelen dat ze geen onderdeel zijn van het feestje, mocht de speech dan al een ‘feestjes-niveau’ hebben.

Er zijn ook sprekers die lang en actief ‘oog-con-tact’ met luisteraars maken. Met van die priemende koplampen die iets vooruit lijken te stuwen. Ik krijg dan meestal de neiging weg te willen. Dan is er wel ‘oogcontact’ geweest, maar voor mij waren de lijnen niet verbonden. Net zoals een voice-mail bericht van iemand die boos op je is; er is een contactmoment maar zonder ‘verbinding’.

Waarom is verbinding eigenlijk belangrijk? Daar kan ik kort en krachtig over zijn; relatie gaat namelijk vóór de inhoud. Als je publiek niet voelt dat jij als spreker voor hen aanwezig bent, zullen ze onbewust ‘nee’ tegen je zeggen. Ze haken af. Ze kijken misschien nog wel naar je, maar ze nemen je boodschap niet op.

Hoe zit het dan precies met die ogen als je presenteert? Hoe maak je goed oogcontact, krijg ik vaak als leervraag toegeworpen. Ik op mijn beurt vraag dan ‘is het nodig dat je iets (actief) ‘maakt’? Het pretendeert dat je het ook voor ‘elkaar kunt krijgen’ dat ‘oog-con-tact’, jij zelf in je eentje. Kijk toch eens hoe goed ik ‘oogcontact’ kan ‘maken’!

Voor mij is het geen verdienste noch een activiteit. Wat ik ooit leerde is dat je niet zo je best hoeft te doen met je ogen als je spreekt. Je hoeft alleen maar met je aandacht via je ogen ‘beschikbaar’ te zijn. Beschikbaar met neutrale en ontspannen ogen. Zoals naar een weiland met koeien kijken. En verder….eigenlijk niets! Dit heeft meer te maken met zijn dan met iets doen.

Eigenlijk doe je niets, alleen neutraal en onbevooroordeeld kijken, zodat je benieuwd kunt zijn naar wat er dan gebeurt en welke woorden zich aandienen. Er ontstaat daarmee een perifere, brede open blik. Er ontstaat ruimte. Ruimte tussen jou en al die gedachten die je zo in de weg kunnen zitten als je presenteert (“Ze zullen wel…”, “Wat als……” of “Ik ben niet….” etc.), ruimte voor de juiste woorden en ruimte voor verbinding. Het idee erachter is dat contact, of verbinding zo je wilt, namelijk vanzelf ontstaat als je beschikbaar bent.

Het lijkt een subtiel verschil in woorden ‘oogcontact maken’ of ‘beschikbare zijn via je ogen’, maar het effect terwijl je presenteert is enorm en onbegrensd! Wat ik zie als mensen beschikbaar zijn via hun ogen, is dat ze meteen ontspannen, aanwezig zijn, en als vanzelfsprekend hun zinnen laten ontstaan. Hoe meer je jezelf oefent in ‘niets doen’ hoe krachtiger en echter je uitstraling wordt. Je wordt op een natuurlijke manier ‘aantrekkelijk’ voor…geïnteresseerden, collega’s, personeel en klanten.

Met niets doen veel laten gebeuren. Wie wil dat niet? Ik nodig je uit je aandacht via je ogen beschikbaar te stellen, terwijl je spreekt en wees benieuwd naar wat er gebeurt. (Pas op, niet te hard werken!)

En dat hoor ik graag van je.
Ik nodig je van harte uit te reageren op dit artikel.

Het geheim van aantrekkelijkheid van binnenuit

Gepubliceerd 02 november 2009 door Lianne Ebbinkhuijsen

Charisma is een sterke persoonlijke aantrekkingskracht die iemand uitoefent op andere mensen, die wordt ervaren als een bepaalde uitstraling.

Meer uitstraling wil iedereen. Waarom? Omdat iedereen gelooft dat je dan aantrekkelijker wordt voor anderen en zo meer relaties, werk, klanten en interessante mensen naar je toe trekt. Dat je overtuigender wordt en je beïnvloedingsvermogen toeneemt. Ik geloof dat ook.

Tegelijkertijd denken veel mensen dat uitstraling of charisma alleen is weggelegd voor knappe grootheden als Maxima en Obama. Het is wel bewezen dat uiterlijke schoonheid en macht absoluut meewegen op de charisma barometer, maar dat je daarmee geboren moet zijn om uitstraling te hebben, is echt onzin.

Onlangs had ik een reünie met klasgenoten van de lagere school. In ieders herinnering was ik een onopvallende leerling. Dat herkende ik, want ik voelde mij destijds anders en kleiner dan anderen. Ik had ook het idee dat er nog van alles ontbrak aan mij; mooiere kleding, bepaalde vrienden, een knapper gezicht, handigheidjes met babbelen, moed en nog veel meer. Dat hield me vaak tegen om eens op iemand af te stappen of het woord te nemen.

Het voordeel van die verlegenheid was dat ik goed werd in waarnemen. Ik heb niet alleen veel naar mensen gekeken en ik heb ook veel naar ze geluisterd. Door de jaren heen ging ik zien waarom de ene spreker met gemak aandacht kreeg en een andere spreker nauwelijks of niet.

Charisma hangt namelijk ook sterk samen met wat je vindt van jezelf en wat je vindt van anderen! Het hangt samen met zelfbeeld en zelfvertrouwen en de manier waarop je anderen tegemoet treedt. Voor iedereen zijn deze zaken een project voor het leven, maar ik deel je een aantal krachtige ‘kijktips’ om dat proces te versnellen. Ik daag je uit om ruimte te maken voor de volgende denkbeelden die al menig spreker exponentieel heeft doen groeien:

1) Beschouw elk ander in een gesprek, elke luisteraar bij je presentatie in het moment dat je deze aankijkt als de belangrijkste persoon in de wereld. Gewoon je nieuwsgierige aandacht beschikbaar stellen aan één iemand, en daarna aan de volgende en daarna weer een ander. Het gaat er niet om, om ieder paar ogen van je publiek te pakken te krijgen, maar wel om de kwaliteit van de aandacht die je schenkt. Denk bij elk persoon dat het fijn is dat hij/zij er is en laat de oordelen maar eens voor wat ze zijn, ongeacht wat de luisteraar doet. Zie jezelf als een soort ‘liefdevolle sponsor’ van je toehoorder.

2) Beschouw ook de aandacht die je hebt voor een ander als waardevol en belangrijk. Echte aandacht is goud waard. Aandacht krijgen is een diepliggende behoefte van elk mens. Zonde dus om aandacht en ook woorden tussen hoofden in te verspillen.

3) Zie jezelf op het moment dat je gaat presenteren als iemand die een unieke kans in handen heeft; je kunt nl anderen iets leren, meegeven, verkopen, inspireren en ja zelfs transformeren……Of het nou gaat om een betaalde speech of een budgetpresentatie; met spreken kun je anderen beïnvloeden en in beweging zetten.

4) Beschouw jezelf als iemand die alles in huis heeft om de presentatie op dat moment te houden. Het is essentieel om ervan uit te gaan dat je van niemand de goedkeuring, bevestiging of toestemming nodig hebt om je verhaal of speech te houden.

Zie jezelf daarom als compleet in het moment van spreken. Geen extra benodigdheden! Vertrouw er maar op dat je gaandeweg vanzelf dat zult leren, opzoeken of ontdekken wat je een volgende keer weer nodig hebt. Maar nu is nu en dat is goed. Ik weet, dit is een moeilijke gedachte voor een spreker, maar wel een essentiële en de meest krachtige om prettiger gezelschap te zijn en mensen bij je te houden.

Besef dat de kwaliteit van je gedachten sterk sturend is op wat je bewust maar vooral onbewust aan signalen uitzendt. Als je daar echt werk van maakt, dan zijn mensen graag bij je. Kijk zelf ook maar eens naar mensen die jij als bijzonder gezelschap ervaart. En kijk met deze wetenschap nog eens naar Maxima of Obama…

Onlangs ging een deelnemer, die de dag startte in behoorlijke onzekerheid, naar huis met de overtuiging; “Als ik het met liefde doe, dan lukt het me!”
Ik heb haar als een spreker met uitstraling ervaren; een ‘liefdevolle sponsor’. Ze zal dat zelf ook kunnen ervaren, als ze op diezelfde manier naar haar eigen videobeelden kijkt die ze meekreeg.

En tijdens die reünie van mijn lagere school…..heeft niemand mij overgeslagen. Ik had niet eens mijn mooiste jurk aan, maar had wel volop beschikbare waardevolle aandacht.

Succes met jouw groeistappen in zichtbaarheid en presenteren

Je reactie op dit artikel is van harte welkom.

Lianne Ebbinkhuijsen begeleidt ondernemende professionals om met   spreken en presenteren expertstatus en klanten te krijgen. Vraag het gratis e-book aan “de 5 best bewaarde geheimen over   moeiteloos en boeiend presenteren” via http://www.beingintheroom.nl

Van een ik-verhaal naar een wij-verhaal

Gepubliceerd 29 september 2009 door Lianne Ebbinkhuijsen

Veel sprekers hoor ik zeggen; “als er maar interactie op gang komt dan loopt mijn presentatie wel. Dan voel ik me niet zo in mijn eentje staan en heb ik minder last van zenuwen.” Dat effect begrijp ik. Een grote bron van ontspanning zit inderdaad in het het contact met je publiek. Echter een presentatie is nooit een aaneengesloten discussie of een doorlopende vraag- en antwoordronde. Dit artikel gaat over hoe je snel en effectief bij aanvang dat gevoel van interactie en contact kunt krijgen zonder daadwerkelijk in gesprek te zijn met je publiek.

“Bestook me a.u.b. met vragen, anders sta ik zo’n monoloog te houden!”
Zo opende een woordvoerster van een bedrijf onlangs een seminar. Het publiek was verward en de spreekster vervolgde de weg die ze zelf had geplaveid; een monoloog! Het resultaat was er ook naar; een afwachtend publiek dat niet gemotiveerd was om te luisteren. Zo’n moeizame start herstel je niet makkelijk.

Hoe ontstaat dat nou, zo’n ‘eilandgevoel’? Dat komt omdat er iets ontbreekt aan hoe je voor de groep staat en hoe je je publiek benadert. Vooral aan het begin van een speech is het nodig om een brug te slaan tussen jou en het publiek. Hoe kun je dat doen?

1)Allereerst is het van belang om aanwezig te zijn. Nu zul je misschien denken ‘maar ik sta er toch gewoon?’. Er is echter een wezenlijk verschil tussen er staan en aanwezig zijn. Aanwezig ben je als je je aandacht ook echt beschikbaar stelt aan alle aanwezigen. Dat betekent dat je open staat voor contact en met een positieve intentie naar je toehoorders kijkt.

Dat kan alleen als je daar je rust voor neemt. Als je snel het podium op rent of druk met papieren of apparatuur bent, ben je niet aanwezig. Als je losbarst met een grap of ‘Goedemorgen, ik ga iets vertellen over…..!’, ben je niet aanwezig!
Aanwezig ben je als je de rust neemt om eerst het contact -als vanzelf- te laten ontstaan; door in een moment van stilte enkele mensen aan te kijken. Dit is echt een hele belangrijke stap om instant te kunnen aansluiten!

2)Om echt de kloof te dichten en je publiek te motiveren om met je mee te gaan kun je nog iets doen. Je kunt in je openingsfase duidelijk maken dat je gaat antwoorden op een vraag of probleem dat leeft bij je publiek. De mensen die naar jou komen luisteren willen zich bevestigd voelen. Ze willen erkend worden in hun probleem of behoefte.

Er moet een soort verlangen ontstaan om meer van je te horen.
Ze willen voor zichzelf vaststellen dat ze er goed aan doen om daarom aandacht te schenken aan jouw verhaal.
“Aan het eind van deze presentatie heeft u geleerd wat u kunt doen als uw peuter grenzen blijft overschrijden.” Of “Ik nodig u uit om samen met mij stil te staan bij de betekenis van dit onderzoek en te ontdekken waarom dit onderzoek het verschil gaat maken.”

3)Tenslotte kun je letterlijk WIJ en U/Jij-taal gebruiken i.p.v. IK-taal om een brug te slaan.
Dat kan in de vorm van een (retorische) vraag waar niet direct een verbale reactie op hoeft te volgen, maar een andere; bijvoorbeeld een hand opsteken. “Wie van u heeft wel eens moeite met het vinden van een sterke opening bij presenteren?” In plaats van “Ik heet Elvin en ik ga het hebben over openingen bij speeches.”
“Wie van jullie heeft er al meer dan 50 connecties op LinkedIn?” In plaats van “Ik ben online netwerkexpert en ik ga iets vertellen over linken met mensen.”

U/jij-taal kan ook in de vorm van een vraag die de toehoorder alleen in gedachten een antwoord laat formuleren. Bijvoorbeeld “Herkent u zo’n situatie waarin iedereen een lotje krijgt en uitgerekend uw hand wordt overgeslagen?”. Of “Geloof je dat je een topinkomen kunt verdienen als je niet jouw boodschap voor groot publiek kunt overbrengen?” Op deze manier raakt de toehoorder vanzelf betrokken.

Het is van essentieel belang dat je zowel energetisch (aandacht) als inhoudelijk aansluit bij je publiek. Dan kom je van een ik-verhaal in een wij-verhaal. Voor meer gemak, effect en plezier bij spreken en presenteren.

Je reactie op dit artikel is welkom.

Het jongleren met stilte tijdens je presentatie

Gepubliceerd 02 februari 2009 door Lianne Ebbinkhuijsen

En toen viel het stil……!
Zelfs de meest ervaren spreker kan zich ongemakkelijk voelen bij de gedachte aan een (langere) stilte tijdens een presentatie.
Een diep gevoel van leegte en paniek, waarin je hoofd het van je overneemt en volop stemmetjes uitstort als “o jee, wat nu?” – “wat zal het publiek niet van me denken” – “dit is een black-out, ik faal” – “dit wordt helemaal niks meer” – “als dit maar niet te lang duurt”.

Waarom is stilte moeilijk? We kunnen stilte niet toelaten, omdat we gedurende ons leven geconditioneerd raken met beperkingen en eisen rondom stilte. Stilte beoordelen we daarom als saai, nutteloos, verspilling, onbekend, weinig opbrengst, geen controle of iets anders. Dit willen gewoonweg niet (punt)!

Labels als ‘black-out’ of ‘faalpresentatie’ zijn bovendien niet reëel en maken je beleving onnodig zwaar. Ze zorgen er ook voor dat je niet uit je moeilijke moment komt. Het ‘even niet hoeven weten’ of ‘het publiek wacht rustig tot mijn volgende woorden’ voelt al anders.

We vluchten soms het liefst weg of gaan heel erg ons best doen om de leegte te vullen. Vaak waar te nemen als overcompensatie in de vorm van geforceerde taal of rare maniertjes. Zo zag ik ooit tijdens een langere stilte, een spreker met zijn rechterarm, over het hoofd heen naar zijn linkeroor reiken om dat oor dubbel te vouwen. Alsof de woorden daar verstopt zaten…

Waarom is stilte interessant om te onderzoeken bij presenteren?
Stilte is een meervoudig, krachtig en onmisbaar instrument bij presenteren. Zo kun je stil zijn:
- vóór je begint (zodat je publiek ook stil wordt);
- tussen je zinnen, zodat je je woorden kunt zien landen;
- na het tonen van een plaatje of het maken van een punt;
- om zelf te luisteren tijdens je verhaal;
- om te kunnen inspelen op wat er gebeurt;
- om emoties te delen of je publiek mee in een sensatie te trekken;
- om af te sluiten.
Dit kun je zelf al oefenen door stiltes in gesprekken of voordrachten in te bouwen die ongeveer één volledige, rustige, ademhaling duren. Precies, in en uit!

Hoe kan het een comfortabel moment worden?
Door met je aandacht beschikbaar te blijven voor de ander (je publiek) en voor jezelf tegelijkertijd. Dat bereik je door het vermogen te trainen om steeds één op één met iemand te zijn uit je publiek met zachte, ontspannen ogen. Meer een manier van zijn, dan een manier van doen! Telkens een aantal (begin bij vijf) seconden beschikbaar zijn voor de één voordat je met je aandacht naar de volgende persoon gaat.

Zodra je je comfortabel kunt voelen in situaties van stilte en zelfs die waarin je het even niet weet, doorbreek je een cruciaal punt! ‘Easy-going in the Not-knowing’ verschaft je een snel en vrij pad naar meesterlijk en plezierig presenteren. Door deze momenten aan te gaan, kun je ontdekken dat de stilte je de juiste woorden kan aanreiken vanuit je onbewuste. Dan hoef je vooraf helemaal geen woorden te weten, alleen de hoofdlijnen die je wilt neerzetten. Wie wil er nu niet met dit gemak spreken?

Even stil(staan)…, een hele vooruitgang!
Succes gewenst met jouw stappen om boeiend en met plezier te gaan presenteren.

Je reactie op dit artikel is welkom.

Alles willen vertellen werkt vernietigend

Gepubliceerd 24 december 2008 door Lianne Ebbinkhuijsen

Wie kent ze niet? Veel te lange presentaties door een spreker die vaak geen andere weg kent dan alles maar te moeten behandelen. Vaak met te veel en te volle PowerPoint dia’s. En die op de valreep nog tien punten wil toevoegen met nog meer details. Zoveel informatie en feiten oplepelen dat je als luisteraar letterlijk verdoofd en verveeld raakt. Hoeveel tijd (en dus geld) wordt er niet verprutst door dit soort ineffectieve presentaties? Heb jij dat ook; die drang naar volledigheid? Hoe het ook anders kan, lees je hieronder.

Hoe komt het nu dat dit probleem zo vaak voorkomt?
Gelukkig willen de meeste sprekers van waarde zijn voor hun publiek. Dat is een mooi dienstbaar uitgangspunt. Vaak ontlenen we die waarde aan ons eigen idee dat je alles van een onderwerp moet weten om er iets van te kunnen leren.

We projecteren dan eigenlijk onze eigen behoefte op ons publiek.
Voor velen een onbewust en soms dwangmatig proces. Zo automatisch, dat we niet stil kunnen staan bij de vraag wat onze toehoorders eigenlijk wensen of aankunnen.

Dit ‘overlaadsyndroom’ wordt nog wel eens versterkt, doordat sommigen samen met hun ego komen presenteren. Deze sprekers willen graag etaleren hoeveel ze van iets weten of hoe goed ze in dat onderwerp zijn. Je hebt luisteraars die daar allergisch voor zijn.

Het komt ook vaak voor omdat we dat met zijn allen in stand houden. We geven elkaar nog te vaak het verkeerde voorbeeld en als luisteraars lijken we die tranceopwekkende voordrachten bijna normaal te vinden. Ik vertel je hieronder wat je er zelf als spreker nu al aan kunt doen en waarom dat belangrijk is.

Het effect van deze volledigheidsdrang is namelijk vernietigend. Het publiek wordt overladen met informatie en haakt af. Ga er maar van uit dat een toehoorder slechts enkele punten kan onthouden (minder dan de vingers op één hand). En dan moet het wel inspirerend en boeiend gebracht worden. Het is ook gewoon saai om naar een spreker te luisteren die, ook al is dit onbewust, zo beziggehouden wordt door die volledigheidsdrang. Als luisteraar voel je je niet gezien en weggedrukt, je wilt liever weg.

Ik weet het, dit is voor sommigen even slikken. Ik ben hier zelf in mijn eerste jaren als spreker ook vaak schuldig aan geweest. Maar het besef dat het zo’n afbreuk deed aan mijn boodschap en uitstraling, was voor mij al een hele vooruitgang. Ik stond open voor verandering. Hoe word je daar dan beter in?

1) Beperken door in te leven. Je maakt een wezenlijk verschil als je je beperkt tot de essentie in je verhaal en je afvraagt wat de ontvanger ermee kan.
Welke boodschap wil jij terug horen van je publiek als je ze achteraf zou afluisteren in de wandelgangen? Welke conclusie nemen ze mee naar huis? Maak dit doel zo concreet mogelijk. Bijvoorbeeld: ik wil dat mijn publiek enthousiast kan vertellen over drie voordelen van mijn product.

Ga in gedachten op de stoel van je toehoorder zitten en verplaats je in die rol. Stel jezelf vragen als waar heb ik als luisteraar behoefte aan? Wat weet ik al en wat kan ik aan? Waar kom ik precies voor?

2) Zelfreflectie. Pauzeer zodra je de aandrang of trigger voelt om iets te moeten vertellen. (Dit is mogelijk niet alleen het geval als je een voordracht houdt, maar ook in andere gesprekssituaties) Ga even bij jezelf te rade en vraag je eens af waarom het voor jou zo belangrijk is om dit te moeten meedelen. Wie help je daar precies mee?

3) Verbinding met je publiek. Wie werkelijk open staat voor contact met luisteraars, kan waarnemen dat een ‘uitzending’ een hypnotiserend effect heeft. Iemand die in de greep is van volledigheidsdrang, is veelal naar binnen gekeerd en steeds bezig met het volgende bericht, en het volgende en het volgende.

Als je beschikbaar bent voor je luisteraars en in het hier en nu stapt, in plaats van in je volgende item, komt er meer rust in je hoofd en je lijf. Je zult merken dat er dan minder moet. Dat wat je vertelt, kun je zien landen bij je publiek. De luisteraars voelen zich gezien en dat dwingt meer respect af dan een overdaad aan informatie.

4) Hand-outs, alleen als het moet. Kun je echt niet met jezelf leven door je publiek bepaalde onderwerpen te onthouden, geef ze dan een hand-out (achteraf!) met de aanvullingen op de essentie van je presentatie. Een verwijzing naar een website of blog op een mooi kaartje doet het ook goed.
Ik weet inmiddels dat toehoorders voor mij komen en mijn essentiële boodschap, niet voor mij als opsommachine of pratend boek.

5) Een check doen of je je doel bereikt hebt. Als leerpunt voor een volgend keer. Heb jij het gevoel dat je met dit artikel meer inzicht hebt gekregen in hoeverre volledigheidsdrang voor jou speelt en wat je eraan zou kunnen doen..?
Ik heb mij zo goed als mogelijk ingeleefd in mijn doelgroep en me beperkt tot de essentie…

Succes met het doorbreken van volledig moeten zijn.
Reacties op dit artikel zijn welkom.